Ten slotte waren er nog 8 “Nederlandsche wolfshonden” te zien. Het belang van deze inzending na de Winner-tentoonstelling is ons niet duidelijk. Op de Winner was het interessant met de proefnemingen van den heer Saarloos kennis te maken. Een opnieuw uitkomen is o.i. alleen gewettigd, indien de fokker betere resultaten kan toonen dan op de Winner het geval was. Dat wil dus zeggen, wanneer er meer overeenstemming in type te constateren valt, dan bij de nog wel zeer variabele verschijningen, die ons thans van de tentoonstellingsbanken vriendelijk -dit moet erkend- als zoogenaamde Nederlandsche wolfshonden toeblikken.
Het gevaar, waarop door dr. Quartero gewezen is, en dat thans door dr. v.d.Akker bevestigd wordt, dient men in den vervolge toch liever niet geheel te negeren. Als leek op dit gebied zou ik toch meenen, dat deze ge-varen grooter worden naarmate het weerstandsvermogen onzer dieren ten gevolge van een minder goede voeding verzwakt.